Easy money

Het is het laatste kwartier van de les. De stof is behandeld en ik heb tijd over. “Meneer, kunt u een filmpje opzetten?” Ik kijk naar de leerling die de vraag stelt en denk na. Natuurlijk kan ik gewoon een filmpje opzetten. Youtube zal vast de meest bekeken filmpjes van die dag keurig hebben gerangschikt. Maar ik wil niet zomaar een filmpje opzetten. Ik wil niet zomaar met mijn leerlingen een filmpje kijken, puur voor hun plezier. Ik wil dat het filmpje ergens aan bijdraagt.



Terwijl ik nog aan het nadenken ben, vliegen de vloggers me om de oren. “Enzo Knol! Stuk TV! Rapper Sjors! Gewoon Boef!” Vloggers; het is de nieuwe term voor vaak jonge jongens en meiden die op het briljante idee gekomen zijn om zichzelf te filmen terwijl ze van alles of juist helemaal niks aan het doen zijn. Commerciële bedrijven laten op hun beurt de populaire vloggers zweven zolang ze populair zijn; ze vullen de vlogs met reclames van hun merk. Plots verdienen de vloggers belachelijk veel geld voor een praatje of gekke actie, om vervolgens hard te vallen uit de handen van de commercie als de vlog geen kijkers meer trekt.

Ik besluit de laatste uitzending van RTL Late Night op te zetten en spring naar het kwartier waarin rapper Boef aan de tafel van Humberto Tan met woorden wordt afgemaakt door een nieuwslezer, misdaadjournalist en de minister van Defensie. Mijn leerlingen zijn stil en kijken geboeid.

Als het filmpje is afgelopen, probeer ik een discussie in gang te zetten. Ik vraag wat de leerlingen vinden van zijn actie naar de politie. Van zijn woorden die gevuld zijn met haat en frustratie en van het asociale gedrag in zijn vlogs. Ik vraag hen naar hun mening over de hangjeugd in Zaandam en over de filmpjes die worden gemaakt van de politie. Even is het stil. Even denk ik dat ik de leerlingen echt aan het denken heb gezegd. Maar ik kom bedrogen uit.
“Meneer, hij verdient veel, man! Heb je zijn auto gezien?” “Moddervette bak!” roept een ander. Het wordt al snel luidruchtiger. Ook voorin de klas leert een jongen me op een keurig betogende wijze de les. “Meneertje, dit is gewoon makkelijk geld verdienen. Easy money. Je weet toch. Die gast verdient twee duizend euro voor een optredentje van twintig minuten. En zijn filmpjes zijn gewoon leuk, man. Ik zou het wel weten, snap je.” Zo gaat het door tot de bel gaat.

Ik wens ze een fijne dag en blijf verslagen op mijn stoel zitten. Niks hebben mijn leerlingen gezegd over het asociale gedrag van Boef naar de politie, niks over zijn ontkenningen aan tafel, niks over de naïviteit van zijn acties of het brutale gedrag van die vlogger in Zaandam. Als ze de gang op lopen, zie ik hoe ze rapper Boef even nadoen. Zijn taal, zijn uitspraken, zijn loopje; dát zien ze. En misschien is dat maar beter ook. Leerlingen zien wat ze willen zien. Laat die ouwe zeiksnorren maar praten.
Dit bericht is geplaatst in taal. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.