Bale boft maar

Bale boft maar
Begin januari gooide de Daily Mirror eruit dat Manchester United een bod van 102 miljoen voorbereidt op Madrid’s Gareth Bale.

‘Gareth Bale’. Dik de uitspraak van zijn naam aan met een Engels of Iers accent en in gedachten sta je met een halve liter dood bier in je handen tussen dikke, zweterige voetbalshirts en tandloze mijnwerkers in een arbeiderspub in een slecht verlichte straat achter het stadion. ‘Gareth Bale’ ademt voetbal. Engels voetbal weliswaar, maar hij heeft daarnaast het geluk dat ‘ie een goeie kop heeft. Die doet het goed op foto’s en televisie. Daar kunnen ze zelfs in Madrid wat mee.


Een speler wordt allang niet meer alleen gekocht voor zijn uitstekende voetbalkwaliteiten. Het is zijn uiterlijk. Zijn kaaklijn, zijn borstkas, zijn kapsel. Maar bovenal: zijn voor-en achternaam. Neem Alan Shearer, koning van Newcastle, met z’n agressieve, net iets te dikke, typisch Engelse kop. Alleen de naam al wekt spelvreugde en agressie op. “Hey, Allan! You fokkin wanker!” Voor deze naam kom je naar het stadion en schreeuw je 90 minuten. Of luister naar de naam ‘Christiano Ronaldo’. Leg de klemtoon op de twee a’s en twee seconden na het uitspreken van zijn naam dans je de Fado in je nakie terwijl je de bal hooghoudt met je hak, je haar keurig in de plooi.   

Mooie bijkomstigheid dat ze een beetje kunnen ballen, maar de naam verkoopt. Ik kan geen topclub noemen waar een speler loopt met een naam waar je om moet gniffelen, een naam die afleidt of zelfs afschrikt. Of waardoor een speler zélf wordt afgeleid: “Shit, ik heet Patrick Pothuizen, hoe kan ik nou ooit een hele grote worden met deze naam?” Oké, ik versta niet veel van de Duitse taal, dus ik weet niet wat de namen van buitenlandse voetballers betekenen. Het kan zomaar zijn dat Toni Kroos het met de achternaam in Duitsland niet makkelijk heeft als ‘Kroos’ in Duitsland ‘lauwe bloemkool’ betekent. Maar om de naam ‘Kroos’ gniffel ik niet.

En dan nog iets: waarom stond er in de jaren ‘90 geen enkele Engelse topclub in de rij voor onze Johan de Cock, die furore maakte bij Schalke en basisspeler was van Oranje op het EK van ‘96? Topclubs willen geen gezeik, ze willen geld. En veel. En namen leveren geld op. Niemand gaat lopen met een Manchester United-shirt waarop staat: Johan de Kock. Sta je goed voor lul.


Ja, ik weet het zeker: als Gareth Bale Gerrit van Balen had geheten, zat ‘ie thuis op de bank met één hand in z’n broek. Te kijken naar de samenvatting Top Oss-Telstar op Omroep Brabant. Bale boft maar met z’n naam.    
Dit bericht is geplaatst in voetbal. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.