Werken bij Feijenoord

Ik wou dat ik profvoetballer was. Bij Feijenoord bijvoorbeeld. Iedere dag tegen een bal trappen en een trainingspak aan. Iedere dag mijn voetbalschoenen invetten, gewoon omdat het kan. Iedere middag pasta als lunch eten. Want daar word je groot en sterk van. En dan tijdens de lunch met je teamgenoten sportnieuws lezen.


En dan samen die ploeggenoot belachelijk maken over wie wordt geschreven. En dan weer samen trainen, elkaar een panna geven, de trainer stiekem afzeiken terwijl je tegen de cornervlag leunt en ondertussen een supporter begroeten waardoor zijn dag ook weer goed is. En dan samen douchen, elkaars geslachtsdeel met een washandje proberen te slaan, elkaar onderpissen, daarna een knoop in de handdoek leggen om elkaar iets harder te raken en weer lachen.
En dan de volgende dag weer een potje trainen, even heel hard rennen, de bal over de keeper loppen en om af te sluiten tijdens het partijtje even met elkaar op de vuist gaan. Elkaar helemaal verrot schelden, een klap en een schop uitdelen en elkaars hesje uit elkaar trekken. En je baas die dan zegt: ‘als je op het scherpst van de snede werkt, gebeurt dit weleens.’ Ik heb het verkeerde beroep. Mijn baas zou het niet leuk vinden. Ik wou dat Giovanni mijn baas was.

Dit bericht is geplaatst in voetbal. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.